Verklarende woordenlijst: C

Op deze pagina een tabel die afkortingen, medische termen en een aantal moeilijke woorden verklaart. Deze vinden hun toepassing in de biochemie, reguliere-, alternatieve-, additieve- en complementaire geneeskunde. In deze tabel staan alle woorden die met een 'C' beginnen. Voor de andere letters van het alfabet hebben we aparte pagina's gemaakt. Deze zijn te bereiken via het horizontale link-alfabet direct boven en onder de tabel.
AB • C • DEFGH I JKLMNOPQRSTUVWXYZ
Afkorting of woord: Verklaring:
C 1: Cytidine.
2: Het symbool voor Celsius, een eenheid van temperatuur.
3: Cervicale wervel of halswervel.
4: Het aminozuur cysteïne.
5: Cytosine.
6: Symbool voor het koolstof, carbon of carboneum element (periodiek systeem).
Ca Symbool voor het calcium element uit het periodiek systeem.
CA Carboanhydrase.
CAB Catheter geassocieerde bacteriëmie.
CABG Coronairarterie-bypasstransplantatie.
CAC Codex Alimentarius commissie.
CAD Consultatiebureau voor alcohol en drugs.
Cadmium Het giftige metaal cadmium kan chronische bronchitis en beschadiging van de nierbuisjes (tubuli) veroorzaken.
Caecaal Met betrekking tot de blindedarm of caecum.
Caecum De blinde darm, het begin van de dikke darm of colon. Het wormvormig aanhangsel of appendix zit hier aan vast.
Caecus Blind of blind eindigend.
Cafeïne Een alkaloïd wat in koffiebonen en thee voor komt.
Cafestol Een koffieboon bevat vet, cafestol is er één van. Dit koffievet verhoogt de cholesterol-spiegel. Je krijgt hiervan het meeste binnen door gekookte koffie, waarbij de gemalen koffie naar de bodem zinkt, te drinken. Senseo en ouderwets koffie zetten bevat veel minder van deze stof. Het papieren filter houdt het grotendeels tegen.
CAG 1: Code voor de aanprijzing van gezondheids-producten.
2: Complementaire en alternatieve gezondheidszorg.
3: Complementaire en alternatieve geneeswijzen.
4: Coronaire angiografie. Met behulp van de CAG, wat ook wel hartkatheterisatie wordt genoemd, worden door middel van röntgenstraling en contrastmiddelen de bloedvaten van het hart in beeld gebracht. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door een cardioloog, geassisteerd door een verpleegkundige en röntgenlaborant. Voor dit onderzoek moet de patiënt in een ziekenhuis worden opgenomen.
CAH Chronische agressieve of actieve hepatitis.
CAHAG COPD en astma huisartsen advies groep.
CAHZ Coronaire atherosclerotische hartziekten.
CAI 1: Catheter geassocieerde infectie.
2: Klinische activiteitsindex.
CAKBZ Centraal administratiekantoor bijzondere zorgkosten.
Cal Calorie, eenheid van warmte of de voedingswaarde van een product (is verouderd).
Calcaneum of calcaneus Hielbeen.
Calciëmie 1: Als hypercalciëmie; teveel calcium in het bloed.
2: Als hypocalciëmie; te weinig calcium in het bloed.
Calciferol Vitamine D.
Calcium Symbool is 'Ca'. Wordt ook wel gewoon kalk genoemd. Calcium is een voor het lichaam onmisbaar element wat met de juiste hoeveelheid in het bloed aanwezig moet zijn.
Calicivirus Een subgroep van de picornavirussen.
CALLA Gewoon acute lymfatisch leukemie antigeen.
Callositas Een plaatselijke verdikking der hoornlaag van de opperhuid: eelt of eeltplek.
Calorie 1: De voedingswaarde van een product (is verouderd).
2: De benodigde hoeveelheid warmte om 1 gram water 1 graad Celcius te verwarmen. 1 calorie = 4,187 Joule. Deze eenheid is verouderd.
Calprotectine Calprotectine is een eiwit of proteïne wat een paar mineralen bindt. Bij ontstekingen in de darm wordt er een verhoogde waarde van dit eiwit gemeten.
CAM 1: Complementaire en alternatieve geneeskunde.
2: Chorio-allantoïs membraan.
3: Cel- of cellulair adhesiemolecuul. CAM's zijn een groep eiwitten uit de immunoglobuline-supergenfamilie die betrokken zijn bij de adhesie tussen cellen.
cAMP Cyclisch adenosine-monofosfaat.
Campylobacter Een bacteriegeslacht dat voornamelijk infecties van het spijsverteringskanaal teweegbrengt.
Candida albicans Zie candidiasis.
Candidemie Wanneer er virulente Candida albicans in het bloed wordt aangetroffen.
Candidiasis of candidose De door Candida albicans veroorzaakte schimmelinfectie van slijmvliezen.
CAP Kataboliet-genactivator-proteïne.
CAPD Continue ambulante peritoneaal dialyse.
CAR Cliënten advies raad.
CARA Chronische aspecifieke respiratorische of respiratoire aandoeningen. Afkorting voor allergische, bacteriële, hyperreactieve en virale aandoeningen van de slijmvliezen der ademhalingsorganen.
Carbo Kool, er bestaat dierlijke en plantaardige kool.
Carbonaat Koolzuurzout.
Carcinogeen Kanker verwekkende stof of kankerverwekkend.
Carcinoom of carcinoma Kanker, kwaadaardig woekergezwel van huid, klierweefsel of slijmvlies.
Cardio- Wordt in samenstellingen gebruikt; met betrekking tot het hart.
Cardioloog Een arts die gespecialiseerd is op het gebied van hart- en vaatziekten.
Cardiomegalie Een hartvergroting.
Cardiovasculair Het betrekking hebben op vaten en hart.
CARIM Cardiovasculair onderzoek instituut Maastricht.
Carminativum Een windverdrijvend middel wat wordt toegepast bij de ophoping van gassen in het darmkanaal.
Carnitine Een onmisbaar aminozuur.
CAS 1: Centrale anticholinerge syndroom.
2: Congenitaal adrenogenitaal syndroom.
CASA Centra voor anticonceptie, seksualiteit en abortus. De CASA is een landelijke organisatie die hulp biedt op het gebied van geboorteregeling en seksuele gezondheidszorg. CASA Nederland is in 2003 ontstaan uit het samengaan van 5 abortusklinieken en 3 Rutgershuizen. In 2005 is besloten om de naam CASA voor alle centra in te voeren. Bij de verschillende CASA-vestigingen kunt u terecht voor:
  • abortus,
  • abortuspil,
  • advies over anticonceptie; piladvies, en nuvaring,
  • plaatsen van spiralen of hormoonspiralen en implanon,
  • sterilisatie,
  • SOA-onderzoek,
  • kortdurende seksuologische therapie,
  • seksuele vragen en problemen.
Het aanbod kan echter per CASA vestiging verschillend zijn.
Caseïne Een op eiwit gelijkend bestanddeel van melk. We vinden het in zowel geitenmelk als koemelk. Het vormt de grondstof voor het bereiden van kaas en wordt ook wel kaasstof genoemd.
Casuïstiek De beschrijving van een aandoening of ziektegeval.
CAT Choline-acetyl-transferase.
Catarre, catarrhe of catarrhus De ontsteking van slijmvliezen met het afscheiden van slijm.
Caudaal of caudalis Betrekking hebbend op het achtereind of staartuiteinde van het lichaam.
Causaal Oorzakelijk, het behandelen van een ziekte of aandoening door de oorzaak er van aan te pakken. Dit in tegenstelling tot een behandeling die slechts gericht is op de verschijnselen of symptomen van deze ziekte (symptomatisch).
Cavitas Latijns voor holte.
CB Complementaire behandelwijze.
CBB 1: Collectieve belangen behartiging.
2: Cliënten belangen bureau.
3: Commissie voor de biochemie en biofysica.
CBD 1: Commissie biotechnologie bij dieren.
2: Cannabidiol, een bestanddeel van cannabis.
3: Centraal bureau drogisterijbedrijven. Het CBD is de koepelorganisatie van de drogisterijbranche. In het bestuur van het CBD zijn alle segmenten van de bedrijfstak vertegenwoordigd: het grootwinkelbedrijf, de zelfstandige drogisten en de supermarkten die een drogisterijafdeling hebben.
CBF Centraal bureau fondsenwerving.
CBG College ter beoordeling van geneesmiddelen. Het CBG beoordeelt en bewaakt - naar eigen zeggen - de werkzaamheid, risico's en kwaliteit van geneesmiddelen voor mens en dier. Ook beoordeelt het CBG de veiligheid van nieuwe voedingsmiddelen voor de mens en is een gezaghebbend kenniscentrum van geneesmiddelen. Het beschikt over unieke kennis op het gebied van de ontwikkeling, de werkzaamheid, de veiligheid, de kwaliteit en de post-marketing surveillance van geneesmiddelen. Deze kennis kan ook op andere terreinen binnen de Nederlandse gezondheidszorg benut worden.
CBK Centraal brouwerij kantoor.
CBL Centraal bureau levensmiddelenhandel.
CBO 1: Consultatie bureau voor ouderen.
2: Kwaliteitsinstituut voor de gezondheidszorg. De organisatie is in 1979 opgericht als het centraal begeleidings-orgaan voor de intercollegiale toetsing. Het CBO zet zich in voor verbetering van de kwaliteit van de patiëntenzorg.
CBOG College voor beroepen en opleidingen in de gezondheidszorg.
CBP College bescherming persoonsgegevens.
CBR Complement-bindingsreactie.
CBS 1: Centraal bureau voor de statistiek.
2: Centraal bureau voor schimmelculturen. Het CBS beheert een, naar eigen zeggen, wereldvermaarde collectie van levende schimmels, gisten en bacteriën. Het verricht taxonomisch en evolutie-biologisch onderzoek aan geselecteerde groepen uit het rijk der schimmels en zwammen ofwel fungi. Tevens wordt met moleculaire en genomics-methoden onderzoek verricht aan de biologie en ecologie van schimmel.
CBSL Centraal bacteriologisch en serologisch laboratorium.
CBT Centrum bijzondere tandheelkunde.
CBZ College bouw ziekenhuisvoorzieningen.
CCA Kanker centrum Amsterdam.
CCC Chloorcholinechloride.
CCE Centrum voor consultatie en expertise.
CCFonds Contusio cerebri fonds. Contusio of contusie cerebri staat voor een meer of minder ernstige beschadiging van hersenweefsel, of hersenkneuzing.
CCG Centrum voor complementaire geneeskunde.
CCK Cholecystokinine. Dit hormoon vinden we in de twaalfvingerige darm (duodenum) en nuchtere darm (het jejunum), respectievelijk het bovenste en middelste deel van de dunne darm.
CCKL Het CCKL is een coördinerende commissie voor de kwaliteitsverbetering van laboratoriumonderzoek en accreditatie van laboratoria in de gezondheidszorg. De CCKL samen met de RvA beoordelen laboratoria op hun deskundigheid en onafhankelijkheid. De CCKL richt zich specifiek op medische laboratoria werkzaam in de Nederlandse humane gezondheidszorg.
CCKPZ Cholecystokinine-pancreozymine.
CCMO Centrale commissie mensgebonden onderzoek. De CCMO houdt toezicht op de toetsing van medisch-wetenschappelijk onderzoek met proefpersonen in Nederland.
CCMS Centraal college medisch specialisten.
CCP 1: Cyclisch gecitrullineerd proteïne.
2: Complement controle proteïne.
CCPD Continue cyclische peritoneaal dialyse.
CCR 1: Centrale cliëntenraad.
2: Complete cytogenetische respons.
CCTC Cardiologie en cardio-thoracale chirurgie.
CCUVN Crohn en colitis ulcerosa vereniging Nederland.
CCV Verpleegkundige hartbewaking.
CCyR Complete cytogenetische respons.
CCZ Coördinatiecentrum chronisch zieken.
Cd Symbool voor het cadmium element uit het periodiek systeem.
CD 1: Cluster aanduiding.
2: Crohn's ziekte ofwel de ziekte van Crohn.
3: Clusters die zich verschillend ontwikkelen (differentiatie).
CDA Chlorodeoxyadenosine.
CDD 1: Chlorodibenzodioxine.
2: Cyclododecadieen.
3: Celdood en differentiatie.
4: Clostridium difficile diarrhoea.
CDF Chlorodibenzofuraan.
cDNA Complementair DNA.
CDP Cytidine-difosfaat.
CDR Cliënten deelraad.
CDT 1: Koolhydraat-deficiënt transferrine.
2: Cyclododecatrieen.
Ce Symbool voor het cerium element uit het periodiek systeem.
CEA Carcino-embryonaal antigeen, een tumormerker. CEA wordt gevonden in het bloed van patiënten met alvleesklier-, blaas-, borst-, cervix-, colon-, of ovarium-kanker.
CEBV Chronisch Epstein-Barr virus.
CEE Centraal Europese encefalitis.
CEG Centrum voor ethiek en gezondheid.
Cel De kleinste eenheid binnen een organisme.
CEL Chronisch eosinofiele leukemie.
CELAZ College voor ethische en levensbeschouwelijke aspecten van de zorgverlening.
Celdeling Het proces waarbij na het delen van de kern, uit één cel twee cellen ontstaan.
Celmembraan Het plasma in een cel wordt omringd door een dun vlies, het membraan.
CENZOR Centrum voor zorgcoördinatie, openbare GGZ en rehabilitatie.
Ceraat Zalf waar was in verwerkt is.
Cerebraal Met betrekking tot de hersenen.
Cerebrovasculair Betreffende de bloedvaten in de hersenen.
Cestoden Plat- of lintwormen, er zijn verschillende geslachten te onderscheiden.
CEV Commissie electromagnetische velden.
Cf Symbool voor het californium element uit het periodiek systeem.
CF 1: Cystische fibrose of taaislijmziekte.
2: Gekationiseerd ferritine.
CFA Cetyl veresterd vetzuur. CFA's zijn natuurlijke enkelvoudig onverzadigde en verzadigde vetzuren die veresterd zijn met een vetalcohol, namelijk cetylalcohol.
CFC Chloorfluorkoolstof.
CFH 1: Commissie farmaceutische hulp.
2: Chronische frequente hoofdpijn.
CFIDS Chronische vermoeidheid en immuun disfunctie syndroom.
CFK 1: Chloorfluorkoolwaterstof.
2: Commissie farmacie en kwaliteit.
CFS Chronisch vermoeidheids-syndroom. Zie encefalomyelitis.
CFTR Cystische fibrose transmembraan geleidings regulator.
CFU Kolonie vormende eenheid.
CG Chronische granulomatose. CG ontstaat door een defect bij het vormen van toxische zuurstofmetabolieten.
CGC Kanker genomics centrum.
CGD Chronische granulomateuze ziekte.
CGF Chlorella groei factor.
CGG Centrum voor geestelijke gezondheidszorg.
CGL 1: Corpus geniculatum laterale.
2: Centrum gezond leven.
cGMP Cyclisch guanosine-monofosfaat.
CGO Coördinatieorgaan geneeskundige ouderenorganisatie.
CGOR Centrum voor gezondheidsonderzoek bij rampen.
CGR Stichting code geneesmiddelen reclame.
CG-Raad Chronisch zieken en gehandicapten raad Nederland.
CGRP 1: Calcitonine gen-gerelateerd peptide.
2: Calcitonine gen-gerelateerd proteïne.
CGT Cognitieve gedrags-therapeut of therapie.
CGZ Chronische granulomateuze ziekte.
CH Cyclo-hydrolase.
Chalcose of chalcosis Ophopen van koper in de weefsels.
CHE Choline-esterase. CHE is een enzym dat betrokken is bij het geleiden van prikkels in de zenuwen. Er komen verschillende vormen voor in de lever. Het is tevens een maat voor de leverfunctie.
Chelaat Een samenvoeging van metaalionen met een organische stof.
Chinolonen Een verzameling van synthetisch vervaardigde antibiotica die verschillende bacteriën kunnen doden.
Chlamydia Zich uitsluitend in de cel vermenigvuldigende ovale bacteriën.
CHMP Comité voor medische producten voor humaan gebruik. De CHMP heeft een viertal werkgroepen die zich richten op beleids-ontwikkeling rond de beoordeling, werkzaamheid, chemisch-farmaceutische kwaliteit en de veiligheid van biotechnologische geneesmiddelen.
CHO Chinese hamster-ovarium.
Cholecalciferol Vitamine D3.
Cholesterol Een niet in water oplosbare vetachtige stof die tot de sterolen behoort.
Choline Vitamine B4, behorend tot het B-complex.
CHOP Cyclofosmamide, doxorubicine, vincristine en prednison.
CHP Centrale huisartsenpost.
CHR Complete hematologische respons.
Chromatine Bij het delen der celkernen ontstaan de chromosomen uit de sterk kleurbare kernstof chromatine. In chemisch opzicht bestaat deze stof uit eiwitten en DNA.
Chromosoom Chromosomen bevatten de genen en bevinden zich als staafvormige structuren in de celkern. Ze ontstaan uit chromatine tijdens het delen der celkern. Een cel in het menselijk lichaam bevat normaliter 46 van deze chromosomen. Ieder chromosoom bestaat voor het grootste deel uit ribonucleïnezuur en desoxyribonucleïnezuur en bevat een DNA-molecuul wat spiraalvormig gewonden is. De erfelijke eigenschappen maar ook de eventuele afwijkingen van de mens liggen besloten in de chromosomen.
Chronisch moeheidssyndroom Zie encefalomyelitis.
Chronisch vermoeidheidssyndroom Zie encefalomyelitis.
Chroom Een sporenelement.
ChS Chondroïtine-sulfaat.
CHT Congenitale hypothyreoïdie is een niet aangeboren onvoldoende aanmaak van het schildklierhormoon. Het meest vaak komt de primaire hypothyreoïdie voor. Hierbij ligt de oorzaak van deze ziekte in de schildklier zelf. De secundaire vorm ontstaat door een gestoorde werking van de hypofyse, terwijl de tertiaire vorm in de hypothalamus is gelegen. De secundaire en tertiaire vorm komen samen in slechts 5% van de gevallen voor. De kenmerken bestaan onder andere uit verminderde geestelijke prestaties, vertraagde stofwisseling en werking van organen.
CHZ Coronaire hartziekten.
CI 1: Cellulaire infiltratie.
2: Chemotactische index.
CIAK Coördinatie informatievoorziening en automatisering kruiswerk.
CIAP Chronisch inflammatoire axonale poly-neuropathie.
CIb Centrum infectieziekte-bestrijding. De missie van het CIb van het RIVM is signalering, bestrijding en preventie van infectieziekten ten behoeve van de volksgezondheid in Nederland.
CIB Chronische inflammatoire bindweefselziekte.
CIBG Centraal informatiepunt beroepen gezondheidszorg.
CIC Circulerend immuuncomplex.
CIDC Centraal instituut voor dierziekte controle, dit is gevestigd in Lelystad.
CIG Centrum indicatiestelling gehandicaptenzorg.
CIN Cervicale intra-epitheliale neoplasie.
CINT Internationaal centrum voor nieuwe therapiën.
CIP Centrum integrale psychiatrie.
CIPO Centraal informatiepunt ouderen.
Ciprofloxacine Ciprofloxacinehydrochloride-monohydraat. Een synthetisch antibioticum van het chinolon-type (urologisch). Het wordt vaak voorgeschreven bij het behandelen van infecties aan de blaas en urineweg. Het bevat o.a. propyleenglycol (E1520).
CIRE Centrum voor individuele rehabilitatie en educatie.
Cirrose of cirrhosis Het ineen schrompelen van een orgaan, met name de lever.
CIS Carcinoma in situ. CIS is een voorstadium van kanker die zich op één plaats bevindt. Het verkeert in een vroeg stadium en heeft zich niet uitgezaaid buiten het ontstaansgebied.
Citroenzuurcyclus De citroenzuurcyclus wordt ook wel de Krebscyclus genoemd en bestaat uit een reeks stofwisselingsreacties. Deze reacties worden gereguleerd door enzymen en zorgen er uiteindelijk voor dat er energie voor de lichaamscellen vrijkomt. De citroenzuurcyclus heeft zowel anabole als katabole functies.
CIVAS Centraal instituut voor alternatieve scholing.
CIZ Centrum indicatiestelling zorg.
CJD Creutzfeldt-Jakob ziekte.
CJG Centrum voor jeugd en gezin.
CK 1: Chemokinen.
2: Creatine kinase, een enzym.
3: Creatinine klaring.
CKC Chronische klachten door cyclische bewegingen.
CKCH Centraal klinisch chemisch hematologisch laboratorium.
CKMB Creatine kinase iso-enzym. Het enzym creatine kinase gevormd door de eenheid M plus eenheid B.
CKW Chloororganische koolwaterstof.
CKZ Centrum klantervaring zorg.
Cl Symbool voor het chloor (chlorum) element uit het periodiek systeem.
CL Cardiolipine.
CLA Geconjugeerd linolzuur.
Clavus Eksteroog of likdoorn. Door mechanische belasting kan er plaatselijk een eeltachtige verdikking op de huid ontstaan. Dit komt voornamelijk op de tenen van de voet voor.
CLB Centraal laboratorium van de bloedtransfusiedienst.
CLDO Centrum voor lever- en darmonderzoek.
Clec C-type lectine.
CLL Chronische lymfatische leukemie.
CLO Kabeljauw-lever-olie.
Clostridium Dit zijn spoelvormige ziekteverwekkende bacillen. Zij putten hun levensenergie uit processen die gisting en rotting doen ontstaan en veroorzaken bij de ontleding gasvormige producten. Dit zijn onder andere ammoniak en zwavelwaterstof.
CLSM 1: Continu langdurig systematisch multidisciplinair.
2: Confocale laser-scanning microscoop.
Cm Symbool voor het curium element uit het periodiek systeem.
CM Cutis marmorata.
CMBI Centrum voor moleculaire en biomoleculaire informatica.
CMBWO College voor medisch biologisch wetenschappelijk onderzoeker. Zie ook: SMBWO.
CMC Chronische mucocutane candidiasis.
CME Centrum menselijke erfelijkheid.
CMF Cyclofosfamide, methotrexaat en fluorouracil. Het is een cytostaticum.
CMI Cel-gemedieerde immuniteit. Dit is een immuunreactie die door cellen wordt gemedieerd en niet door antilichamen of humorale factoren.
CMIS Gemeenschappelijk mucosaal (de slijmvliezen betreffend) immuun systeem. Zie ook: BALT, GALT, MALT, MIS, NALT en SALT.
CML Chronische myeloïde leukemie.
CMO Centrum voor maatschappelijke ontwikkeling.
CMP 1: Centraal meldpunt.
2: Cytidine monofosfaat.
CMPC Centraal medisch pharmaceutische commissie.
CMPD Chronische myeloproliferatieve aandoening.
CMS Afkorting voor chronisch moeheidssyndroom. Zie encefalomyelitis.
CMT Centraal medisch tuchtcollege.
CMTC Cutis marmorata telangiectasia congenita.
CMV Zie het cytomegalovirus.
CMZ Centraal meldpunt zorg.
CNCR Centrum voor neurogenomics en cognitief onderzoek.
CNE Centrum voor natuurgeneeskunde en educatie.
CNKI Chinese nationale kennis infrastructuur.
Co Symbool voor het kobalt element uit het periodiek systeem.
CoA Coënzym A, een nucleotide met een ingewikkelde bouw, activeert resten van vetzuren.
Cobalamine Vitamine B12.
COC Nederlandse vereniging tot integratie van homoseksualiteit
Coccus Een bolvormige, ronde of kogelvormige bacterie. Het meervoud wat we kennen is cocci, coccen en gewoon oerhollands, kokken. Het heeft hier niets met de keuken vandoen. Alhoewel ...
COD Colloïd-osmotische druk.
COEUR Cardiovasculair onderzoekinstituut Erasmus universiteit Rotterdam.
COGEM Commissie genetische modificatie.
COL Chronisch obstructieve longziekte. Zie ook COPD.
Colitis Een ontsteking van de dikke darm.
Colitis ulcerosa Met zweervorming, afscheiding van pus en koorts gepaard gaande ontsteking van de dikke darm. U kunt op deze website de scriptie van Arda over Colitis ulcerosa lezen.
Collageen Collageen, een ondersteunend eiwit van bindweefsel, is een van de meest in het lichaam voorkomende eiwitten. Het wordt onder andere aangetroffen in de huid, bloedvaten en botten.
Collateraal Zijdelings.
Colpitis Ontsteking van het vaginale slijmvlies. Ontstaat veelal door de aanwezigheid van Trichomonas vaginalis of Candida albicans. Wordt ook vaginitis genoemd.
Commensaal Een organisme dat in of op een gastheer leeft zonder deze te schaden of ziek te maken. Deze commensalen behoren tot de natuurlijke flora van een gezond lichaam.
Competitief Concurrerend of mededingend.
Complement Aanvulling.
Complex Meerdere verbonden tot een eenheid.
COMT Catechol-o-methyltransferase. COMT is een enzym dat de methylering van adrenaline, dopamine en noradrenaline catalyseert. Voor het stellen van een diagnose bij onder andere feochromcytoom, neuroblastoom en de ziekte van Parkinson kunnen catecholaminen en hun metabolieten worden gebruikt.
ConA Concanavaline A. ConA bevorderd de celdeling of mitose voor T-cellen.
Concentratie 1: De hoeveelheid vaste stof in een oplossing.
2: Het vasthouden van de aandacht.
Conflueren Samenvloeien of ineenvloeien.
Congestie Bloedaandrang of overmatige bloedtoevoer naar een orgaan in het lichaam.
Conglomeraat Opeenhoping.
Conjugatie of conjugatio In de biochemie is dit een chemische koppeling.
Conjugeren Chemisch koppelen.
Conjunctivitis Een door allergische, bacteriële, chemische, traumatische of virale oorzaak ontstane ontsteking van het oogbindvlies. Door deze ontsteking ontstaat veelal afscheiding van slijm en soms etter, brandende pijn, jeuk, lichtschuwheid, roodheid, tranenvloed en zwelling.
Consecutief Opvolgend.
Consistentie De dichtheid van een vloeistof of lichaam.
Constipatie of constipatio Hardlijvigheid of verstopping. We gebruiken ook wel obstipatie en obstructie.
Contaminanten Ziekte veroorzakende stoffen die in verontreinigd eten en drinken kunnen voorkomen.
Contractie Het samentrekken van spieren.
Convulsie Een hevige krampaanval, stuip of toeval.
COOV Centraal orgaan opleidingen voor verpleegkundigen.
COPD Chronische obstructive longziekte. Astma, longemfyseem en chronische bronchitis worden vaak met de Engelse afkorting COPD aangeduid.
COPZ Centrum ontwikkeling palliatieve zorg.
COREON Commissie regelgeving van onderzoek.
Corium Lederhuid, de onder de opperhuid liggende huidlaag.
Corpulentie Vetlijvigheid.
Correlatie Een onderlinge wisselwerking of samenhang.
Cortex Bast of schors.
Corticoïd Zie corticosteroïd.
Corticosteroïd De corticoïden of corticosteroïden zijn hormonen die afgescheiden worden door de bijnierschors.
COSBO Centraal orgaan samenwerkende bonden van ouderen.
Costaal De ribben betreffend.
Couperose Ontsteking van de huidklieren en roodheid in het gelaat.
COV 1: Controle op verzekeringsrecht.
2: Centrale organisatie voor de vleessector.
COX Cyclo-oxygenase is het centrale enzym in de prostaglandine-synthese. Het wordt ook wel prostaglandine-endoperoxide-synthase genoemd. COX zorgt voor de omzetting van arachidonzuur in prostaglandine H2.
CP 1: Creatinefosfaat.
2: Cronische patiënt.
3: Ceruloplasminespiegel.
4: Consumenten platform.
CPA Centrale post ambulancevervoer.
CPE 1: Cyto-pathologisch effect.
2: Controlebureau pluimvee, eieren en eiproducten.
CPG Code voor de publieksreclame van geneesmiddelen.
CPK Creatine fosfo-kinase. De waarde hiervan kan tijdens een bloedonderzoek vastgesteld worden.
CPLD Chronische polymorfe lichtdermatose.
CPP Chloorfenylpiperazine.
CPPP Cliëntenplatform voor psychoanalyse en psychoanalytische psychotherapie.
CPR Cardiopulmonale resuscitatie.
CPV Wet collectieve preventie volksgezondheid.
CPZ Categoraal psychiatrisch ziekenhuis.
Cr Symbool voor het chroom (chromium) element uit het periodiek systeem.
CR 1: Calorie restrictie.
2: Complement receptor.
Craniaal Met betrekking tot, of in de richting van, de schedel (cranium).
Cranium De uit twee delen bestaande schedel, de aangezichtsschedel en hersenschedel.
CrAZ Cliëntenraad academische ziekenhuizen.
CRD Centrale RIAGG-dienst.
Creatine Een tussenproduct in de stofwisseling.
Creatinine Een tijdens de spierstofwisseling uit creatine vrijkomende stof in het bloedserum.
CRF 1: Coagulase reactie factor.
2: Cortisol of corticotrofine vrijmakende factor.
CRH Corticotropine vrijmakend hormoon.
CRIA Cardiovasculair onderzoek instituut Amsterdam.
CRL Communautair referentie-laboratorium.
CRP C-reactief proteïne. Dit proteïne wordt door de lever aangemaakt wanneer er ergens in het lichaam een ontsteking ontstaat.
CRPS Complex regionaal pijn-syndroom.
CRS Chronische rhinosinusitis.
CRT Chemoreceptor trigger zone.
Crusta Korst op de huid, slijmvlies of wonden.
Crusteus Met korstvorming.
Cryo-EM Cryo-electronenmicroscoop of microscopie. Cryo-EM is een techniek waarbij een eiwitoplossing in vloeibare helium bevroren wordt. Men past een zeer snelle bevriezing toe die er voor zorgt dat de structuren van de eiwitten behouden blijven. Dit doordat het water geen ijskristallen vormt waardoor het eiwit beschadigd zou kunnen worden.
Crypto- In samenstellingen gebruikt: onduidelijk, onzichtbaar of verborgen.
Cryptococcose Een schimmelziekte veroorzaakt door Cryptococcus neoformans.
Cryptococcus Een ziekteverwekkende schimmel, er bestaan verschillende soorten van.
Cryptomennorroe De menstruatie zonder uitwendig bloedverlies.
Cs Symbool voor het cesium element uit het periodiek systeem.
CSF Kolonie stimulerende factor. CSF's zijn de voorlopers van de leukocyten in het bloed. Verder spelen zij een rol bij het reguleren van deling en ontwikkeling van stamcellen die zich in het beenmerg bevinden. Sommige van de kolonie stimulerende factoren bevorderen het uitrijpen van cellen die zich buiten het beenmerg bevinden.
CSIF Cytokinen synthese remmende factor.
CSIZ Coördinatiepunt standaardisatie informatievoorziening in de zorgsector.
CSN 1: Candidiasis stichting Nederland.
2: Controle-kweek supernatant.
CSO 1: Centrale spoedopvang.
2: Centraal coördinatieorgaan samenwerkende ouderenorganisaties.
CSZ College sanering ziekenhuisvoorzieningen.
CT 1: Calcitonine.
2: Computer-tomografie.
3: Chlamydia trachomatis veroorzaakt in Nederland de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoening (SOA).
CTA CT-angiografie, een combinatie van computertomografie en angiografie.
CTB 1: College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen.
2: Centrum voor thuisbeademing.
CTC Cardio-thoracale chirurgie.
CTE Centrum voor terrestrische ecologie. Het CTE onderzoekt de ecologie op het land.
CTG 1: Cardiotocografie wordt toegepast om de hartfrequentie van de foetus en de samentrekkingen van de baarmoeder te controleren. Deze vorm van controle wordt meestal toegepast bij bevallingen op medische indicatie.
2: Centraal tuchtcollege voor de gezondheidszorg.
3: College tarieven gezondheidszorg, is sinds oktober 2006 samen met CTZ de NZa ofwel de Nederlandse zorgautoriteit.
CTL Cytotoxische T-lymfocyten.
CTLp Cytotoxische T-lymfocyt voorloper.
CTP Cytidinetrifosfaat.
CTS Carpaal tunnel syndroom.
CTSV College van toezicht sociale verzekeringen.
CTU College van toezicht op de uitvoeringsorganen.
CTZ College toezicht zorgverzekeringen, is sinds oktober 2006 samen met CTG de NZa.
Cu Symbool voor het koper (cuprum) element uit het periodiek systeem.
CU 1: Klinische eenheid.
2: Colitis ulcerosa. U kunt hier ook de scriptie van Arda over colitis ulcerosa inzien.
Culicide Een middel dat muggen doodt.
Culmineren Het bereiken van een hoogtepunt.
Cumulatief of cumulatieve Het zich ophopen of opstapelen. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op gifstoffen of geneesmiddelen.
Cuppen Zie cupping.
Cupping Het zetten van cups wordt ook bij de acupunctuur toegepast en valt dus onder de traditionele Chinese geneeswijzen, de TCG of TCM.
Curabel Het geneeslijk zijn.
Curatie Genezing.
Curatief Genezend.
CV&V Continentie verpleegkundigen en verzorgenden.
CVA 1: Cardio-vasculair accident.
2: Cerebro-vasculair accident.
CVADF Christelijke vereniging angst- en dwangstoornissen en fobieën.
CVAH College voor accreditering huisartsen.
CvB Centrum voor bevolkingsonderzoek.
CVBO Commissie voor de vernieuwing van het biologie onderwijs.
CvI Commissie voor indicatiestelling.
CVI Centraal veterinair instituut.
CVL Centraal veneuze lijn.
CVLG Centrum voor lichaam en geest.
CvO College voor osteopathie.
CVO Centrum voor ouderenonderzoek.
CVOI Cardio vasculair onderwijs instituut.
CvP Centrum voor psychiatrie.
CVP 1: Cliënt vertrouwenspersoon.
2: Cyclofosfamide, vincristine en prednison.
CvR Centrum voor revalidatie.
CVRM Cardiovasculair risicomanagement.
CVS Chronisch vermoeidheids-syndroom. Zie encefalomyelitis.
CVTM Coördinatie vrijwillige thuiszorg en mantelzorg.
CVV 1: Collectief vraagafhankelijk vervoer.
2: Cliëntenraad verpleging en verzorging.
CVVH Continue venoveneuze hemofiltratie.
CVZ 1: Cardio-vasculaire ziekten.
2: College voor zorgverzekeringen.
3: College van ziekenhuisvoorzieningen.
4: Christelijke vereniging van zorginstellingen.
CW Chemische wetenschappen.
Cx Connexin, een gen.
Cyanocobolamine Vitamine B12.
Cyclisch Iets wat periodiek terugkeert of zich in een kring beweegt.
Cyclus Kring of kringloop. Zie ook cyclisch.
CYP Cytochroom P450, een enzym.
Cys (C) Het aminozuur cysteïne.
Cystalgie Pijn in de urineblaas.
Cyste of cystis Een holte of blaas gevuld met stroperige of taaie vloeistof.
Cysteïne Een aminozuur wat zwavel bevat.
Cystica Zie Cysticercus
Cysticercus De blaasvin of blaasworm, een overgangsvorm van het lintwormei naar de volwassen lintworm. Deze wormsoort kan in verschillende organen binnendringen en ziekten genereren.
Cystitis Blaascatarre of blaasontsteking; ontsteking in het slijmvlies van de blaas.
Cystocele Een zogenaamde blaasbreuk, het uitpuilen of uitzakken van de urineblaas.
Cystoom of cystoma Een hol gezwel, voornamelijk bij de eierstok voorkomend.
Cyt Cytosine.
Cyto- In samenstellingen: de cellen betreffend.
Cytokinen Cytokinen worden niet door klieren afgescheiden maar door vele verschillende cellen afgegeven. Het zijn eiwitten en peptiden die een signaalfunctie vervullen. Ze lijken op hormonen en hun aantal is zeer groot. Ze zijn betrokken bij de afweer, het immuunsysteem en de vorming van bloedcellen.
Cytomegalovirus Afgekort tot CMV, is één van de herpesvirussen. Deze smeerlappen kunnen zich verspreiden door middel van bijvoorbeeld speeksel en urine maar ook bij seksueel contact of een bloedtransfusie. Ze ondermijnen het immuunsysteem van ons lichaam.
Cytoplasma Het vloeibare deel van een cel of celplasma. Cytoplasma wordt ook wel protoplasma genoemd.
Cytostaticum Een middel dat een belemmerende werking uitoefent op de celdeling en celgroei. Het meervoud van deze middelen is cytostatica, er bestaan er nogal wat...
CytR Cytokine receptor.
CZ 1: Colloïdaal zilver.
2: Complementaire zorg.
CZK Consultatiebureau voor zuigelingen en kleuters.
CZO 1: Centrale zorg-overeenkomst.
2: College ziekenhuis opleidingen.
CZS Afkorting van het centraal zenuwstelsel.
CZT Cognitieve zelftherapie.
ABCDEFGH I JKLMNOPQRSTUVWXYZ
homebioresonantiebiotensorcraniosacraalelectroacupunctuur
fytotherapiehomeopathiekleurenpunctuurorthomoleculairlinks
ayurvedanieuwscontactcurriculum vitaedisclaimertesten
• • • artikelenoverzicht van de website • lexicon • zoeken • • •